Stadhuis Rotterdam

Restauratie Stadhuis, Rotterdam

Vanaf het laatste kwartaal van 2005 is PP betrokken bij verschillende projecten voor de restauratie van het stadhuis in Rotterdam.
De rol welke PP werd toebedeeld was die van architect en directievoerder namens Stadsontwikkeling Rotterdam.

Voor een aantal opdrachten was alleen PP verantwoordelijk, voor ander projecten is in samenwerking met IAA architecten en M&G gewerkt.

De opdracht aan PP was die van restauratie / reconstructie van het casco van het monument.
Uitgangspunt hierbij was het zo dicht mogelijk bij de oorspronkelijke toestand van het ontwerp van prof. Evers terug te keren cq. te blijven.

Het in samenwerking met de verschillende architecten opgestelde “visieplan” werd hierbij leidend.
Voor bewaking van de uitgangspunten uit het visieplan is de heer D. Baalman van “Het Oversticht” aangesteld.

De oude allure en grandeur van het monument is weer duidelijk waarneembaar, door de in de loop der jaren ontstane “verrommeling” te verwijderen en weer de heldere symmetrische hoofdstructuur van het gebouw zichtbaar te maken, wordt het stadhuis weer in oude glorie beleefd.
Naast de monumentale ruimten, alsmede de afwerking hiervan is ook de veelvuldig aanwezige kunst weer goed te ervaren.
Budgettair was er voldoende ruimte om het stadhuis op een goede manier te restaureren.

Oostelijk Zwembad

Restauratie monumentaal zwembad, Rotterdam
Oplevering: februari 2014

Het Oostelijk Zwembad in Rotterdam is gebouwd in 1932 in nieuw zakelijke stijl naar ontwerp van Foeke Kuipers. Het zwembad is als rijksmonument opgenomen in het monumentenregister.

Oorspronkelijk lag het zwembad op het binnenterrein van een gesloten bouwblok van woningen. Tijdens het bombardement van 1940 is de entree en het omringende bouwblok verwoest waardoor het zwembad vrij kwam te liggen. In 1952 is een nieuw entreegebouw toegevoegd in relatie tot de gewijzigde stedenbouwkundige situatie. In 1962 is tussen de zwemhal en entreehal het Beatrixbad toegevoegd. Dit bad is gebouwd voor polio- en spastische kinderen en wordt thans vanwege de hoge watertemperatuur gebruikt door specifieke doelgroepen als bejaarden, minder-validen en ouders met baby’s.

De zwemhal en entreehal zijn in grote lijnen teruggebracht naar de oorspronkelijke situatie. Het gebouw telt ongeveer 60 verschillende typen tegels. Het tegelwerk is gedemonteerd en teruggeplaatst of is vervangen door exacte replicategels. De kenmerkende glazen bouwstenen in het dak zijn hergebruikt of wanneer beschadigd vervangen door een replica. De oorspronkelijke stalen kozijnen waren verdwenen. Een reconstructie van de kozijnen, uitgevoerd in thermisch onderbroken stoeltjesprofielen, is teruggeplaatst. De originele houten kleedhokjes zijn hersteld. Opvallend detail aan de kleedhokjes is de deur welke tevens dient als kluisje.

De overgang tussen zwemhal en entreehal is door diverse verbouwingen verrommeld. Door middel van een forse glazen pui is een visuele verbinding gelegd tussen de entreehal en de zwemhal. De nog aanwezige balieruimte is gerestaureerd en opnieuw gaan functioneren als receptie. Nieuwe ingrepen in het zwembad zoals personeelsruimtes, horecablok en toiletruimtes zijn sober vormgegeven en als uniforme tijdslaag herkenbaar.

Voor de luchttoevoer en –afvoer in de zwemhal wordt gebruik gemaakt van de bestaande bouwkundige kanalen gevormd door dubbele vloeren en wanden. Hierdoor blijft het circulatieprincipe en beeld ongewijzigd. Wel zijn er diverse verduurzamingsmaatregelen genomen.

Het plan voorziet in aanpassing van het Beatrixbad waardoor ook dit bad zal voldoen aan de hedendaagse eisen op het gebied van hygiëne en veiligheid. Vooralsnog zijn de werkzaamheden aan het Beatrixbad aangehouden.

Wereldmuseum

Renovatie Wereldmuseum, Rotterdam

De oorsprong van zowel het gebouw als de collectie van het Wereldmuseum ligt bij de “Vereeniging der Koninklijke Nederlandsche Yachtclub”.

Een club waarin de Rotterdamse elite zich verenigde. Deze club werd in 1846 opgericht door Prins Hendrik, de broer van Koning Willem III. Als voorzitter van de club omringde Prins Hendrik zich met vertegenwoordigers van beroemde Rotterdamse families en reders. De Yachtclub organiseerde jaarlijkse roeiwedstrijden op de Maas. Al snel onstonden er plannen voor een clubgebouw en societeit. Er werd een prijsvraag uitgeschreven en in 1852 werd het gebouw gerealiseerd naar ontwerp van de Amsterdamse architect Godefroy. Meer dan dertig jaar zetelde de Yachtclub in het gebouw. Prins Hendrik ontving er buitenlandse gasten en de rijk versierde zalen op de eerste verdieping werden verhuurd voor feesten, partijen, bal masqueesen en soirees.

Na het overlijden van Prins Hendrik in 1879, werd de Yachtclub in 1880 opgeheven en kocht de Gemeente Rotterdam het pand met als doel een museum voor Land- en Volkenkunde op te richten. De belangrijkste collecties kwamen van E. Van Rijckevorsel, de Rotterdamsche Diergaarde en het Nederlansch Zendelingengenootschap.
De collecties werden voornamelijk aangevuld met giften via Nederlandse consuls in het buitenland, en de handelsverenigingen en rederijen in Rotterdam. Veel geld voor eigen aankopen was er niet.
Door de groeiende collectie ontstond er behoefte aan uitbreiding hetgeen resulteerde in de bouw van een extra verdieping op het gebouw. Deze nieuwe derde verdieping werd in 1909 gerealiseerd. Tevens werd er een monumentale trap aangebracht die alle verdiepingen ontsloot. Een gedeelte van de begane grond werd verbouwd tot kantoren. De nieuwe opbouw werd uitgevoerd in beton en was voor die tijd een technisch hoogstandje.

In 2000 vond een forse uitbreiding plaats door de panden Willemskade 23 en 22 toe te voegen aan het museum.
Er kwamen doorgangen tussen de panden op elke verdieping, en door het toevoegen van geklimatiseerde museumzalen in pand 23 kwamen de balzaal en salon weer vrij voor de activiteiten waar ze oorspronkelijk voor bedoeld waren: recepties, partijen en conferenties.

Om het voortbestaan van het museum te garanderen werd er door de directie van het Wereldmuseum een Revitaliseringsplan opgesteld, waarin ruimte kwam voor horeca en commerciële activiteiten als financiële drager voor het museum. Het gebouw was inmiddels gepromoveerd tot Rijksmonument.

Restauratie

Ondanks het krappe budget en een strak schema werd in november 2009 de laatste verbouwing en gelijktijdig grootschalige renovatie afgerond. De gevels zijn gestript, volledig gerestaureerd en opnieuw gestukadoord en geschilderd in de kleuren van rond 1909. In het hart van het gebouw is weer een monumentale trap aangebracht die eer doet aan de rijke historie en monumentale karakter van het gebouw, en balzaal en salon zijn in oude glorie hersteld.

• Balkonconstructies zijn geheel vernieuwd en de balkonafwerking is in oorspronkelijke staat teruggebracht.
• Sierelementen in de balzaal en salon zijn hersteld van waterschade.
• De centrale hal met betonnen trap is volledig gesloopt waarna er een monumentale trap is aangebracht met vide over 4 verdiepingen. Er is een 27 persoons transparante lift aangebracht.
• In het achterhuis is een extra verdieping aangebracht en een goederenlift.
• Het theater is volledig verbouwd.
• Op begane grond en eerste verdieping zijn keukens aangebracht.
• Klimaatinstallaties zijn deels vervangen en nieuw aangebracht en alle museumzalen zij geklimatiseerd.

Eendrachtsweg 67

Restauratie Eendrachtsweg 67, Rotterdam

Het pand aan de Eendrachtsweg dateert uit 1872 en is aangemerkt als Rijksmonument en geregistreerd onder nummer 32759.
Het voormalige Turks consulaat staat in Rotterdam bekend als “huize Brenninkmeijer”. Dit vanwege het feit dat de familie Brenninkmeijer hier vanaf 1927 tot in het midden van de 60-ger jaren heeft gewoond. Toen de familie het pand betrok is er een extra verdieping opgeplaatst, volledig in stijl met het uit de 19e eeuw daterende oude pand. Ook de trap kreeg toen zijn huidige vorm en zijn er glas in lood partijen in art Deco stijl in het trappenhuis geplaatst.

Voordat met de restauratie werkzaamheden in 2010 een aanvang werd gemaakt is er nog een historisch kleuronderzoek uitgevoerd naar de kleuren van ex- en interieur. De aandacht bij dit onderzoek richtte zich met name op de periode 1927-1932. In deze periode kreeg het pand zijn huidige vorm en afwerking.

Exterieur

Op basis van de bevindingen van dit kleuronderzoek en de hoeveelheid cq. samenstelling van de op het stukwerk aangetroffen verflagen, werden bestaande overtollige verflagen verwijderd, het stukwerk gerepareerd en een nieuw mineraal gebonden systeem opgebouwd. De in het stukwerk aanwezige profilering bleef gehandhaafd en waar nodig gereconstrueerd. Er is een aangepaste kleurstelling overeenkomstig de aangetroffen resten uit de 20-ger jaren aangebracht. Bijzondere aandacht voor de glas in lood bovenlichten in de buitenkozijnen en die in het trappenhuis en serre. Deze werden uitgenomen en in een atelier gerestaureerd en daarna teruggeplaatst. Eveneens aandacht voor de van sculpturale elementen voorziene dubbele voordeur, waarvan aan de rechter deur een aantal elementen ontbrak. Reconstructie van deze bijzondere elementen was een flinke uitdaging voor de hiermede belast schrijnwerker.

Interieur

Opvallend is dat veel stijlelementen van het interieur uit de periode 1927-1932 , ondanks het veelvuldig wisselen van gebruik van het pand, nog in redelijke staat verkeren. Wel is duidelijk dat het pand “intensief” is gebruikt. Verstorende elementen, zoals later aangebrachte betimmeringen en verlaagde plafonds, werden verwijderd. Afwerkingen van wanden vloeren en plafonds werden daar waar mogelijk gehandhaafd en indien noodzakelijk conform bestaand gerepareerd. Houten beschietingen, aftimmeringen, lambriseringen en deurpartijen werden gereinigd, beschadigingen bijgewerkt en van een nieuwe afwerklaag voorzien conform de bevindingen uit het bouwhistorisch- en kleurhistorisch onderzoek. In de gevels aanwezig en nieuw aangebracht kozijn- cq. raamhout werd eveneens op basis van het kleuronderzoek afgewerkt.

Herbestemming Scholen

Haalbaarheidsstudie schoolgebouw Duyststraat en Bloklandstraat, Rotterdam.

Oplevering: 2015

In opdracht van Stadsontwikkeling Gemeente Rotterdam zijn door Putter Partners Architecten de mogelijkheden van herbestemming tot woningen onderzocht van de schoolgebouwen aan de Duyststraat en Bloklandstraat.

Het schoolgebouw in de Duyststraat in het Nieuwe Westen dateert uit 1912. Het pand is gelegen in een rij van vier schoolgebouwen op het binnenterrein van een gesloten bouwblok van woningen. Het tweede schoolgebouw ligt prominent aan de Bloklandstraat in het Oude Noorden en is gebouwd in 1903. Beide schoolgebouwen tellen drie verdiepingen en worden gekenmerkt door een lange gang met hoge klaslokalen en een karakteristiek trappenhuis op de kop.

Het onderzoek heeft zich gericht op de verkavelingsmogelijkheden van het gebouw, de bouwkundige staat en de financiële haalbaarheid. Het verkavelde casco van het gebouw aan de Duyststraat is inmiddels verkocht. Het project zal door de nieuwe eigenaren in collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO) worden gerealiseerd. De beslissing tot verkoop van het pand aan de Bloklandstraat dient nog genomen te worden.

Landhuis Nieuw Rhodenrijs

Herbestemming landhuis Nieuw Rhodenrijs, Rotterdam

Oplevering: 2015

Landhuis Nieuw Rhodenrijs is gelegen aan de Delftweg 166 te Rotterdam en is als Rijksmonument opgenomen in het monumentenregister. Het landhuis, hoofdonderdeel van het complex Nieuw Rhodenrijs werd in 1933 gebouwd in opdracht van de familie van Hoboken naar ontwerp van architect A. van Pouderoyen. Het landhuis en bijbehorende onderdelen zijn in traditionalistische stijl ontworpen.

Na de brand in 2010 is een groot gedeelte van de “personeelsvleugel” verloren gegaan. Rieten kap en dakconstructie zijn geheel verdwenen. De rest van het gebouw, niet door brand aangetast, heeft veel te lijden gehad van verschillend gebruik in de afgelopen decennia. Het gebouw werd “opgebruikt’ zonder dat er goed en zorgvuldig onderhoud werd uitgevoerd. Dit geldt zowel voor de gebouwen als voor de daar omheen liggende gronden.

De gemeenteraad heeft begin dit jaar ingestemd met een plan om het landgoed te gaan exploiteren voor huisvesting van ouderen met een zorgbehoefte. De beoogde exploitant is “Golden Years” en er is met de gemeente een huurovereenkomst van het landgoed overeengekomen.

Restauratieplan

Gekozen is voor een benadering waarbij de indeling, oorspronkelijk door architect Pouderoyen getekend, zoveel mogelijk wordt gehandhaafd, cq. gereconstrueerd. De nadruk komt hierbij te liggen op prominente en representatieve ruimtes. De over het algemeen gevoelde beperkingen bij herontwikkeling, van een object met monument status, is bij de hier voorgestelde bestemming en doelgroep juist een plus. De grotere monumentale ruimten in beide gebouwen lenen zich bij uitstek voor ontmoeten, recreëren, eten en ontwikkelen van sociale contacten.

Klushuizen

Renovatie woningen klushuizenproject, Rotterdam

Renovatie woningen klushuizenproject, Rotterdam Oplevering: 2007-2014 Het klushuizenproject is een initiatief van de gemeente Rotterdam. De woningen zijn gelegen in de ‘Hot Spots’, de meest verpauperde buurten…

Het klushuizenproject is een initiatief van de gemeente Rotterdam. De woningen zijn gelegen in de ‘Hot Spots’, de meest verpauperde buurten in Rotterdam. De woningen kampen met veel achterstallig onderhoud en kennen veelal een gedateerde woningtypologie met gedeelde voordeur.

De woningen worden als hele panden tegen zeer concurrerende voorwaarden door de gemeente te koop aangeboden. Vereiste is dat de panden onder begeleiding van een architect hoogwaardig worden gerenoveerd.

Het klushuizenproject heeft als gevolg dat de ‘rotte kiezen’ in een buurt worden getransformeerd tot ‘paleisjes’ volgend uit de individuele wensen en dromen van de klusser. De wijken gaan er sociaal op vooruit door de instroom van enthousiaste en betrokken kopers. De klushuizen zijn inmiddels een begrip in Rotterdam en daarbuiten. Putter Partners Architecten is betrokken geweest bij de begeleiding van inmiddels tientallen klushuizen.